vrijdag 23 juli 2021

 

Suriname 21 november 2020, 9 januari 2021.

 

Ons verblijf in Nederland was dus niet twee weken, maar tien maanden. De polsbreuk was absoluut niet genezen toen het gips eraf kwam, en de arts gaf aan een complexe operatie te moeten uitvoeren. Dat was de eerste vertraging, we moesten de terugreis uitstellen tot begin april. Maar vanwege de plotselinge corona uitbraak ging alles op slot en konden we voorlopig niet meer terug!!

 Gelukkig konden we logeren bij familie en vrienden, vooral fijn was het om een aantal maanden in het huis van Lisette en Rutger in Utrecht te blijven omdat zij in Thailand vast zaten. Het enige voordeel van dit alles was dat Yolanda voldoende tijd en gelegenheid had voor de revalidatie, en herhaal-bezoeken in het ziekenhuis. Ook konden we in de zomermaanden met de motor naar het appartement in Les2Alpes waar we nog mooie motortochten en bergwandelingen gemaakt hebben.

In Les 2 Alpes

Op de motor de Galibier op

Onderweg naar Lac de La Muzelle

 

Dit verzachtte het gemis van de reis en de boot wel een beetje, maar de onzekerheid wanneer we weer terug kunnen was bijzonder vervelend. Temeer dat we heel weinig bagage bij ons hadden en de boot niet 'geconditioneerd' hadden. Gelukkig hield Noël de zaak goed in de gaten en ook andere zeilers die langs kwamen controleerde de boot, de zeilen die we er nog op hadden staan werden zo ook door andere zeilers eraf gehaald. Dat was weer een zorg minder.

Niettemin waren we voortdurend druk in de weer om toestemming te krijgen toegelaten te worden in Suriname. Zowel Jos als Noël hielpen ons daarbij, maar vooralsnog lukte het niet, het desbetreffende bureau reageerde niet op mails, app's en de telefoon werd niet eens opgenomen.

Ook namen we contact op met de Nederlandse ambassade, die konden aanvankelijk ook niets doen, maar gelukkig kregen we contact met de consul, en kreeg het uiteindelijk wel voor elkaar. 21 november konden we terug met speciale toestemming op een repatrianten-vlucht.

 


Langzaam daalt het vliegtuig en zien we de Suriname opdoemen. We gaan al een beetje bekende plekken herkennen. We kunnen niet wachten tot we het vliegtuig uit mogen, helaas zullen we nog even moeten wachten. De passagiers mogen rij na rij het vliegtuig verlaten om vervolgens op het vliegveld de diverse Covid-procedures te doorlopen. Uiteraard zijn er mensen die niet willen wachten en toch zich naar voren dringen, ze worden door het cabine personeel weer teruggestuurd.

Het heeft voor ons nogal wat voeten in aarde gehad om met deze repatriantenvlucht mee te mogen. Suriname laat sinds maart 2020 geen buitenlanders meer het land in, ook wij niet, hoewel onze vele verzoeken om terug naar onze boot/huis te mogen. Mails en app’s werden niet beantwoord, telefoons niet opgenomen. Ook het consulaat in Amsterdam kon ons niet verder helpen, we werden er wanhopig van. Uiteindelijk hebben we contact opgenomen met de Nederlandse ambassade in Paramaribo, die konden ons ook niet verder helpen. Gelukkig na een mail waarin we aangaven ten einde raad te zijn, werd de consul ingeschakeld, toen ging het snel. Met twee weken zaten we in het vliegtuig.

Dat waren wel twee hectische weken, we stonden eigenlijk al 10 maanden hier al klaar voor maar de diverse dingen we wilden meenemen stonden op diverse plaatsen opgeslagen. Daarnaast moesten er nog zaken geregeld worden zoals tandarts bezoek, fysio, PCR test, quarantaine in Suriname etc. Maar we waren erg blij terug te mogen dus we hadden het er graag voor over. En op 20 november om 7 uur s ’morgens stonden we op een leeg Schiphol voor een overdrukke incheckbalie, ook weer een onwerkelijke beleving.


Na een uur wachten in het vliegtuig zijn wij er dan ook aan de beurt om de procedure te doorlopen en gaan we de vliegtuig trap af. De warmte komt als de spreekwoordelijke warme deken op je af maar gelukkig kunnen we doorlopen tot in de hal en hoeven niet in de zon te wachten.

Als alles in orde is mogen we door. We hadden graag gehad dat meneer Lok van taxi bedrijf Rishi ons op kwam halen maar de autoriteiten geven alleen bepaalde taxibedrijven toestemming om passagiers te vervoeren. We stappen in een taxi met een flink gezette chauffeur, hij is aardig en vertelt ons wat over de situatie in Suriname. We begrijpen dat de schrik voor corona hier er flink inzit. Op eens slaat de schrik toe bij de chauffeur en raakt hij lichtelijk in paniek, Hij heeft zijn vogeltje in het kooitje op het vliegveld laten staan. Veel mensen houden hier een zangvogeltje in kooitjes, elke zondag morgen verzamelen ze zich op het grote grasveld bij hetrgeringsgebouw in Paramaribo. Er wordt druk gebeld en ergens onderweg stopt hij en spreekt iemand aan, die wil zijn vogeltje wel even ophalen, dat geeft weer rust in de taxi.

Na een klein uurtje rijden en de onze eerste tropische regenbui sinds lange tijd arriveren we op Marina Waterland. Noël wacht ons al op, het bier en de frieten staan al klaar, een warm welkom.

 

De Windsong is weer snel opgepoetst

Als we de volgende morgen wakker worden schrikken we toch wel wat als we onze bruin uitgeslagen boot bij daglicht zien. Veel werk aan de winkel, vanwege de quarantaine die we op boot mogen uitzitten hebben we daar nu wel voldoende tijd voor, als ook het achterstallig onderhoud inhalen. We maakten ons flink zorgen om de watermaker die we niet geconditioneerd hadden achtergelaten, maar gelukkig na de diverse spoelbeurten blijkt die gewoon goed te werken.


Langzaam als de dagen voorbij gaan wennen we weer aan de tropen; brulapen, luiaards, vogels en helaas ook de muggen. Niettemin zijn we blij weer op onze boot en in Suriname te zijn.

Na 10 dagen is de quarantaine voorbij en mogen we vrij rond lopen. We zien weer de mensen die we tijdens ons vorig bezoek ontmoet hebben, ook komt Peter, de consul die ons geholpen heeft, met zijn vrouw Ank langs, we hebben een aangename middag.

Omdat we nu ook weer zelf kunnen rijden huren we een auto bij Rishi en kunnen zelf op pad en de dingen gaan zien die we de vorige keer moesten laten lopen.



Zo komen we weer langzaam in ons reisritme, we bezoeken prachtige plekken zoals ondermeer Fort Amsterdam, plantage Peperpot,  de Jodensavanne, Atjoni en maken een mooie korjaaltocht in de stroomversnellingen bij Bakaboto. Met Herbie en Maddie van het Amerikaanse zeiljacht Wisdom bezoeken we Brownsberg, de enige tocht die we met een gids kunnen doen. Vanwege de Covid restricties is er nog veel gesloten.

Plantage Peperpot



Plantage Peperpot


Plantage Peperpot
Jodensavanne


Jodensavanne


Kruispunt Atjoni

Op weg naar Bakaboto

Korjaaltocht op de rivier

Zwemmen in de stroomversnelling

Brownsberg

Brownsberg

Met Herbie en Maddy naar Brownsberg

Ook het dagelijks leven gaat door, we doen zelf onze boodschappen in die typische Surinaams-Chinese supermarkten, maar ook op de vers-markten langs de weg. Het valt ons telkens weer op hoe vriendelijk en hartelijk de mensen hier zijn.

Met kerstmis houden we een barbecue op de haven met de bemanning van de Choctaw en de Zeevalk, en dat doen we dunnetjes over op oudejaarsavond. Het is rustig op de Marina vanwege de lockdown, maar het vuurwerk bij de Bouterse buren is overweldigend.

 

Langzaam maken we ons op weer door te gaan, het kriebelt om weer op zee te zijn. Aanvankelijk wilden we naar Trinidad-Tobago, maar dat is nog steeds gesloten. Grenada is een mogelijkheid maar  met alle verplichte en dure PCR testen en lange quarantaine tijd niet erg aantrekkelijk. De keuze valt op Martinique. Na een ruim een jaar gaan we weer zeilen!!

 



Hindu begraafplaats in Paramaribo

 

 

Zonsopkomst over de Suriname rivier

 

Op 6 januari, vertrekken we uit Marina Waterland, uitgezwaaid door het team van de Marina en de bemanningen van de Choktaw en de Zeevalk, gaan we stroomafwaarts de Suriname rivier af. We passeren de vele nu voor ons bekende plekken die we zelf bezocht hebben.

Tegen de avond zijn we de riviermonding uit, we melden ons nog af bij de Kustwacht, die ons een een goede reis wenst en graag tot ziens! Met enige weemoed dat we altijd hebben bij vertrek zwaaien we nog even naar het Suriname en bedanken we de o zo vriendelijk bevolking voor de gastvrijheid. We zijn weer op de oceaan, hoewel het eerst nog wel wat als de Waddenzee uitziet met bruin water en vele ondieptes.

 

De tocht valt wel wat tegen, de zee is onrustig, en de wind komt meer van voren dan van opzij. Lang niet gevaren te hebben eist zijn tol, Yolanda wordt zeeziek en zou dat de hele reis van drie en een halve dag blijven. Ook krijgen we water binnen door de luiken, In Suriname zijn er tijdens de tropische regenbuien bakken water overheen gegaan zonder te lekken, maar dit is toch heftiger. Provisorisch proberen we het wat schoon te maken en in de rubbers in te smeren, maar helemaal dicht zijn ze toch niet. Weer een leermoment! Een ander probleem is het afbreken van de bouten van het roerlager. Zeker iets om op Martinique grondig aan te pakken

Na een toch redelijk snelle overtocht komen we na die en een halve dag aan bij Martinique. Als we de baai bij Le Marin binnen varen komt net onze Hollandse trots, de zeilende vrachtvaarder Tres Hombres naar buiten varen, we begroeten elkaar in het Nederlands. Het is een prachtig gezicht als we elkaar passeren.

De Tres Hombres vaart uit

 

Ankerbaai Le Marin



We gaan in de baai voor anker en rusten eens goed uit van de tocht. De volgende ochtend gaan we het land op en kunnen we ons weer verwennen met Frans eten in de supermarkten. Ondanks de Corona is er toch redelijke vrijheid hier.

We gaan ons opmaken voor groot onderhoud de komende tijd.

 

 

























Suriname december-januari 2020november-januari 2021


OP de Suriname rivier naar Marina Waterland


Je kunt een land op meerdere manieren leren kennen, als bewoner, toerist of andersinds. Wij kwamen als toerist, maar kwamen al direct in het zorgsysteem terecht en zagen zo ook andere kanten van Suriname. Onbedoeld bleek dat een verrijking van onze reis.
In een euforische stemming arriveerden wij op de de Suriname rivIer, en werden later bijzonder vriendelijk onthaald op Marina Waterland:"hallo lieve mensen" sprak de de medewerker en we voelden ons al direct thuis! 
Die stemming veranderde snel, Yolanda zag het afstapje niet op de natte vlonder, gleed uit en had een vreselijke pijn in de onderarm. Medewerkers van de Marina kwamen aangesneld, de arm werd gekoeld en en gespalkt. Direct een taxi gebeld bij het plaatselijke taxibedrijf Rishi. Die had eigenlijk geen chauffeur ter beschikking, maar vond zijn schoonvader bereid om te rijden. We konden nog wat lokaal geld lenen van andere zeilers omdat we dachten wel contant te moeten afrekenen.
Zo vertrokken we naar het academisch ziekenhuis in Paramaribo. De weg was slecht, had diepe kuilen en zeer druk, de chauffeur, een bijzonder vriendelijk man reed uiterst voorzichtig. Bij het ziekenhuis aangekomen hielp hij mee ons op de juiste afdeling te krijgen en bleef in de buurt.
De eerste hulp was meteen al bijzonder, er liepen zwaar bewapende mannen rond die zoals later bleek een crimineel moesten begeleiden. Maar de eerste indruk is dan toch, wat is dit voor een land.
We werden ontvangen door een arts die direct een opdracht gaf een foto te laten maken, we hadden geen idee wat inschatting was, wij hoopten nog steeds op een kneuzing!
Het was de fotolaborant die als eerste zei dat het er niet best uitzag, daarna kregen we van de arts te horen dat het de volgende dag in het gips gezet moest worden. Wat een domper!
Vervolgens kregen we de rekening die we direct moesten betalen en wel contant want aan Nederlandse bankpassen en credit cards deden ze niet, het was veel meer dan we bij ons hadden. De taxichauffeur stond erbij en trok zijn portemonnee, hij zou het wel even voorschieten, wat een opluchting. En terug gingen we weer voor een rit van bij à een uur door de drukken avondspits over de slechte wegen. Nog even langs de apotheek, gelukkig wist de chauffeur, meneer Lok, een goed adres op de route. Hoe de chauffeur heette kregen we niet te horen maar we meenden een keer, toen hij de telefoon opnam dat hij de naam Lok noemde, dus vanaf toen hebben we hem maar meneer Lok genoemd.
Toen het inmiddels donker was kwamen we weer in Marina Waterland aan waar iedereen ons opwachte en schrok van het nieuws, met een aantal schepen hadden we al een hele tijd opgetrokken en zouden we verder gaan. Het bleek dat dat er niet meer in zat. 
Ook Noël, de eigenaar vande Marina was inmiddels gearriveerd en op de hoogte. Hij wachte ons op en bood direct aan dat we even in een van de resort huisjes mochten overnachten omdat het onder de huidige omstandigheden niet verstandig was op de boot te overnachten. Daar waren we het mee eens, en we waren er ook erg blij mee.



Na een nacht in gewone bedden en airco, waren we toch weer wat bijgekomen, vroeg in de ochtend stond meneer Lok ons weer op,te wachten om naar het ziekenhuis te gaan. Het verkeer was rustiger in de ochtend, maar in Paramaribo nam de drukte weer toe. Bij een kruispunt in de buurt van het ziekenhuis werden we aangereden, ook dat nog! Gelukkig kwamen we met de schrik vrij. De man die ons aanreed verontschuldigde zich wel maar tijd om te wachten tot de formaliteiten afgehandeld waren hadden we niet dus zijn we gaan lopen naar het ziekenhuis en dat was best lastig langs een drukke weg zonder trottoir en vooral, als je met een gebroken arm in een spalk loopt de de temperatuur al aardig opliep.
We kwamen nog net op tijd bij het ziekenhuis aan waar we ons bij de afdeling meldde. Eerst een nummertje trekken om geregistreerd te worden dan weer in de rij voor de registratie en vervolgens weer wachten op de arts. De arts was een aardige man en straalde vakkundigheid uit, dat was geruststellend. Voor de arm in het gips kon moest de breuk eerst gerepositioneerd worden. Dat gebeurde in de gipskamer, drie mannen stonden aan de arm te trekken terwijl de arts de botten op hun plaats terug zette. Dat was een bijzondere pijnlijke ingreep, eentje waarbij je in Nederland een verdoving krijgt, hier dus niet!
Vervolgens ging het gips erom, niet met een mooi kleurtje maar gewoon wit. En nadat we nu in euro's hadden afgerekend bij de arts konden we terug, inmiddels was meneer Lok ook gearriveerd. Op de  terugweg reed hij nog even langs een geldautomaat en een paar winkels zodat we nog wat boodschappen konden doen.
Terug op Marina Waterland konden we eindelijk een beetje bijkomen van al die avonturen en ons verhaal doen bij onze zeilvrienden. We zouden onze plannen moeten gaan aanpassen, de leuke uitstapjes naar de binnenlanden die zij maakten moesten wij laten lopen. Bijkomende pech was dat Ad zijn rijbewijs op Tenerife was kwijtgeraakt zodat we ook geen auto konden huren en dus op anderen aangewezen waren.
Naast de mensen op Marina Waterland, kennen wij ook nog Jos die in Paramaribo woont. Een vriend die we al heel lang kenden vanuit de schooljaren. Uiteraard kwam die ook direct langs dat was een bijzonder fijn weerzien, we hebben veel bijgepraat en zijn bij Domburg gaan lunchen. Hij bood ook ditrect aan bij hem te komen logeren, maar dat vonden het nog te vroeg om direct al de boot en de zeilvrienden achter te laten. Hij hielp ons met de was en nog wat boodschappen.
In de kerstweek die volgde moesten we eerst nog langs de autoriteiten om in te klaren, dat verliep heel soepel. Daarnaast hebben we nog wat de toerist kunnen uithangen. Met een aantal andere bemanningen zijn we naar Paramaribo gegaan en bezochten we fort Zeelandia. Hier merk je dat de recente geschiedenis nog best leeft, de Decembermoorden liggen nog vers in het geheugen. De kogelgaten in de muur zijn nog goed zichtbaar. Een van de andere bezoekers in onze rondleiding was Kenny B, hij was destijds een onderhandelaar. Er werd nog bij een gedenkteken een bloemetje gelegd en een minuut stilte gehouden. Een en ander ging toch wat gereserveerd, dat merkte je ook bij de gids, Bouterse is uiteraard nog steeds president, hoewel het natuurlijk ook weer geen dictatuur is.
In vroegere tijden hebben in Fort vreselijke dingen onder Nederlands bewind plaatsgevonden waar je dan ook stil van wordt!
Binnenplaats Fort Zeelandia

Kenny B bij het monument


Kerstmis 2019, onze eerste in de tropen! De sfeer op de Marina was opperbest, op de steiger tussen de boten hebben we een heerlijke gemeenschappelijke barbeque georganiseerd. Iedereen had iets lekkers klaargemaakt.
Toen de jaarwisseling er aan kwam zijn we bij Jos gaan logeren, dat was even een leuke break en even fijn geen last van muggen en de hitte 's nachts te hebben. Zo kregen we ook wat mee van het dagelijks leven in Paramaribo en leerde we ook Surinamers kennen buiten het toeristen circuit. Weinig verschil eigenlijk, maar wel leuk om bij de mensen thuis langs te komen.
Naar de jaarwisseling gingen we weer terug aan boord. De sfeer op de Marina was iets aan het veranderen. Bijna iedereen was de vervolgreis aan het plannen en zouden al snel vertrekken, wij konden voorlopig nog niet weg. Het gips mocht er pas eind januari af, en de vraag was of de arm 'zeilklaar' zou zijn, waarschijnlijk niet. Dat drukte de stemming bij ons aan boord.
Wij zaten nog in het zorgsysteem, wij moesten weer terug naar het ziekenhuis voor een controle bezoek, meneer Lok bracht ons weer, dit keer bracht hij een zak sinaasappelen mee uit eigen tuin, wat vreselijk aardig.
In het ziekenhuis was het weer een drukte van belang en ging het er weer rommelig aan toe. Terwijl je dan zo zit te wachten vallen je diverse dingen op. De mensen werken wel achter een beeldscherm, maar dat is eigenlijk een eenvoudige agenda. Patiënt gegevens worden bijgehouden op kaarten, en het kan even duren voor ze jou kaart in uit de doos gevist hebben. Daarnaast verbaasde we ons over het aantal kinderen met een of beide onderbrengen in het gips, wat daar mee aan de hand was is nog steeds onduidelijk.
In elk geval bleek onze arts tevreden en konden we weer gaan, we hadden ons dagelijks uitje weer gehad. Inmiddels begon het bij ons wel te knagen of we dit verder in Suriname moesten afwachten of toch maar even naar Nederland te gaan. We wilden toch al begin 2020 naar Nederland om dingen te regelen, zoals een rijbewijs, kleinkind te zien en met de familie eens bij te praten. Omdat we een goed contact en veel vertrouwen hebben in de trauma chirurg in het ZMC, besloten we toch maar te gaan, in Januari daalde de prijs van de vliegtickets snel, de feestdagen zaten erop en er kwamen niet veel mensen meer over vanuit Nederland. We hakten de knoop door en boekten de vlucht van 20 januari, er viel meteen veel te regelen, een fit-to-fly verklaring van de arts in Suriname. De afspraak met de, arts in het ZMC, de tandarts, de mondhygiënische, en een spoedprocedure voor het rijbewijs. We zouden voor twee weken gaan en het paste precies in die periode.


Voor de fit to fly verklaring, moesten we dus weer terug naar het ziekenhuis, het gips moest opengezaagd worden, altijd spannend maar het ging goed. Bij terugkomst op de Marina kwam meneer Lok nog even aan boord, hij wilde dolgraag onze boot van binnen zien. Tijdens de rondleiding filmde hij het allemaal om het ook zijn kleinkind te kunnen laten zien. Bij een volgend ritje zou hij voor ons een pompelmoes voor ons meebrengen. Wij leerden ook veel van hem over het reilen en zeilen in In Suriname, en de omgang tussen de verschillende bevolkingsgroepen. Het viel ons ook op dat de chinese bevolkingsgroep het minst mengde, hoewel ze bijna alle supermarkten in handen hadden communiceerde die het slechts. Ze houden zich ook tamelijk afzijdig van de Surinaamse samenleving.
Ook niet echt populair voornamelijk vanwege hun rij gedrag zijn de zgn. boscreolen. Je schrikt er ook flink van als zo'n grote fourwheel-drive je inhaalt waar het helemaal niet kan en iedereen de berm in moet schieten.
Nog niet alle boten waren vertrokken uit de Marina, de Gaia met Anke en Keimpe, was als laatste binnengekomen en zij hadden nog niet zoveel gezien. Met hun zijn we naar de Vlindertuin geweest, toch even een leuk uitstapje. We genoten van de vele soorten vlinders die daar gekweekt werden voor export naar diverse dierentuinen over de hele wereld.
In de Vlindertuin


Inmiddels naderde de datum van de terugreis, we troffen de voorbereidingen om de boot voor twee weken achter te laten. Verzamelde bagage voor de winterse temperaturen in Nederland.
Meneer Lok bracht ons naar het vliegveld en gaf nog wat sinaasappelen mee voor ons kleinkind. Die moesten we maar door de check heen smokkelen.



Op 21 januari landde we op een koud maar zonnig Schiphol.





woensdag 7 juli 2021

Elsa en de spaghetti modellen

 

Elsa en de spaghetti modellen.

“Hebben jullie de laatste spaghetti modellen al gezien,” klinkt het als we bij een internet punt berichten aan het ophalen zijn. Er heerst onder de cruisers in Tyrell Bay op Carriacou veel spanning , er is een tropical storm onderweg vanaf de Afrikaanse kust die wel eens tot een serieuze orkaan kan uitgroeien en dit gebied mogelijk aan zal doen. Dit leidt tot veel onderling overleg tussen de cruisers, nu eens niet over corona maar weer ouderwets over het weer. Tot voor kort had ik nog nooit van spaghetti modellen gehoord, ook niet van Henk Huizinga, maar hier in de Carib en Noord Amerika is het een veel gebruikte term voor de verschillende sporen die een verwachte storm of orkaan mogelijk gaat volgen. Met de toename van allerlei weer en windvoorspellings programma’s en apps neemt de duidelijkheid meer af dan toe met als gevolg weer allerlei rampscenario’s. De laatste weken dat we hier zijn en het orkaan seizoen officieel begonnen is, kijken we dagelijks naar de situaties op de Atlantische oceaan. We hebben dit nog niet eerder meegemaakt dus spannend is het wel. We zagen wel de ene na de ander tropical wave komen en gaan zonder enige problemen, maar deze kon wel eens voor serieuze problemen zorgen. Wat te doen??

We hadden van te voren afgesproken als er een orkaan komt moeten we ons uit de voeten maken, kan dat nu ook? Ja in principe wel, maar de mogelijkheden zijn wel minder dan anders in deze corona tijd.  Trinidad en Tobago zijn dicht, Suriname is wel erg een mijl op zeven. Als het echt moet dan naar de ABC eilanden, maar dan moet je weer een PCR test hebben, dat is nooit zo snel geregeld dus kun je bij aankomst problemen krijgen. Bovendien zijn er ook nog spaghetti slierten die daar naar toe wijzen, dus met de orkaan in je kielzog is ook geen prettig gevoel. Naarmate het weersysteem dichterbij komt ziet het ernaar uit dat die bij ons bovenlangs zal voorbij trekken, maar zekerheid heb je nooit.

Alles afwegende besluiten we vooralsnog hier in de baai te blijven en diverse voorzorgmaatregelen te nemen, naar het zuiden zeilen en weer terug als het systeem voorbij is kan altijd nog.  Het is nu nog een tropische storm op onze hoogte, en we herinneren de les van een Franse zeiler in Martinique; “als het systeem in kracht toeneemt zal die naar het noorden afbuigen, neemt die af , dan naar het zuiden, blijft het stabiel dan gaat die rechtdoor”. Een tropische storm moeten we wel aankunnen, op weg hierheen hebben we al heel veel wind over ons heen gehad.

Schuilen in de hurricane hole

Terwijl wij de ontwikkelingen van de storm op de voet volgen en alvast onze voorbereidingen treffen zien we ook dat bij andere zeilers de angst toeslaat en er gehandeld wordt op basis van allerlei indianen verhalen. Zo zou er ons een swell te wachten staan van wel 3 tot 4 mater in de baai, terwijl er nog niets daarop wijst in de gribfiles die wij met regelmaat ophalen. Er is hier in de baai een zogenaamde Hurricane Hole, een stuk open water in de mangroves, boten kunnen daar schuilen in geval van orkanen. Als twee dagen van te voren steeds meer zekerheid is dat het systeem ten noorden voorbij zal trekken zien we toch veel schepen de hurricane hole in gaan. Dan vraag je dan toch weer af, wat weten zij wat wij niet weten?

Wij halen inmiddels onze bimini weg, binden de huik en voorzeil nog eens extra op, en brengen we voor de zekerheid een extra anker uit. Ten slotte leggen we de stootwillen klaar voor het geval er een schip losbreekt en ons wil aanvallen, daar hebben we hier deze week al twee keer eerder last van gehad.

Hoofdanker is goed in gegraven

Hulpanker ligt ook goed in gegraven






Als dan de baai bijna ontruimd en de hurricane hole boordevol, wordt het stil.

Het wordt avond, Noaa, de orkaan autoriteit, heeft inmiddels het systeem opgewaardeerd naar een orkaan met de naam Elsa, en voor het gebied rond  Martinique en omtrek is een storm alarm afgegeven, voor ons gebied geldt een storm waarschuwing. In de nacht zal het gaan beginnen, we gaan slapen met de wekker op een alarm van elke twee uur en de marifoon aan om alles in de gaten te houden.

 

’s Nachts gebeurt er weinig, het waait wel wat door maar verder niets. De volgende ochtend horen we dat de orkaan ‘s nachts aan Barbados voorbij getrokken is. Wij zijn wel veilig.

Even later wordt het donker en gaat het serieus regenen, een fikse bui van een klein half uur trekt over met windstoten van maximaal 34 knopen. Alles is prima aan boord, het ziet er indrukwekkend uit, en eigenlijk genieten we wel wat van al dat geweld. Daarna is het rustig, zeer rustig zelfs, alleen nog de swell waar iedereen het nog over heeft moet nog gaan komen. Intussen gaan wij door met de dagelijkse dingen, Surinaamse koekjes bakken staat op het programma, dus gaat Yolanda daarmee aan de gang. Terwijl ze daar aan bezig is begint de swell op te zetten, ze is net op tijd klaar als het toch wel wat onaangenaam aan boord wordt. De golven zijn niet hoog, maximaal 1 meter, maar komen wel dwars in. Om niet zeeziek te worden gaan we buiten zitten. In de loop van de middag, is het voorbij, twee andere cruisers die ook in de baai zijn gebleven komen nog op de borrel, erg gezellig.


Eerst trekt er een fikse bui over.



Vervolgens de swell


Op de radio horen we vanaf de schepen in de mangrove nog wat berichten van de golven van 3 meter die die avond nog op komt zetten. Wij geloven het wel, ze blijven ook uit.

Het viel gelukkig allemaal reuze mee, wel was het een goede oefening voor  wat ons nog mogelijk nog te wachten staat.

zondag 27 december 2020

De oversteek van de Kaapverden naar Frans Guyana en Suriname

Oversteek Kaap Verden- Ile de Salut (Frans-Guyana)-Suriname. December 2019


Wegsturend uit de drukke ankerplek van Mindelo.


Een volle oceaanoversteek dus, onze eerste echte oversteek. We nemen weer ruim de tijd voor de voorbereidingen, eten inslaan en alvast wat maaltijden voorbereiden, scheelt weer de eerste dagen. Daarnaast de boot weer helemaal nalopen, gasfles bijvullen en de watertanks vol.

Dit wordt de eerste tocht waarbij we communiceren met zowel SSB zender(korte golf radio), als de Iridium Go satelliet telefoon/modem. We hebben het abonnement kort voor vertrek inlaten gaan en kunnen hem instellen. Het abonnement is vrij kostbaar, € 150 per maand, en na de oversteek stoppen we het abonnenment dus weer. We mogen die maand onbeperkt internetten en 150 minuten bellen. Je moet je dan niet voorstellen dat dat internetten zo gaat als thuis, maar we kunnen kleine mails versturen, geen foto’s. Weerberichten kunnen we er mee binnen halen en dat is natuurlijk ook heel belangrijk. We hebben bedacht dat we op de oversteek een flink aantal minuten bellen achter de hand willen houden voor calamiteiten, als medische/technische hulp.Nu blijkt het installeren toch nog best wel een klus, temeer omdat het Wifi signaal voor het opstarten en aanmelden hier in Mindelo op de Kaap Verden niet al te sterk is. Uiteindelijk lukt het en kunnen we met de IPad en onze telefoon communiceren.



Een stabiele en rustige passaatwind steekt op zodra we uit de acceleratiezone zijn van de Kaap Verden

Een ander experiment wordt het zeilen met alleen twee voorzeilen, een over stuurboord en een over bakboord. Ze noemen dit ook wel “het melkmeisje”, dan zie je het een beetje voor je hoe dat er uit ziet. We hebben o.a hiervoor een speciale extra stag laten plaatsen net achter de voorstag op de boot, waar dit kleinere zeil via leuvers op gehesen kan worden. Voordeel is dat je minder last van slijtage aan het grootzeil hebt, omdat bij een ruime of voor de windse koers het grootzeil schavielt tegen de zalingen (zijsteunen aan de mast) op zo’n koers, met mogelijk flinke slijtageplekken in het zeil als gevolg.Overigens zijn we niet van plan plat voor de wind te zeilen, dan schommelt de boot teveel, wat niet zo aangenaam is om dat 2 weken lang vol te houden, en het gaat ook niet sneller met een boot als de onze

Omdat we geen rekening hoeven te houden met het tijdstip van aankomst, dag of nacht (want dat kunnen we toch niet voorspellen), vertrekken we in de middag. ‘s  Ochtens hebben we rustig aan gedaan, nog even het bestelde brood bij de bakker opgehaald, nog gekeken op de markt of we nog wat andere verse groente konden scoren, afscheid genomen van andere zeilers in de haven, en dan breekt het moment van weggaan aan. De lijnen worden losgemaakt, door de bemanning van de Saline, en Ad vaart de boot rustig weg van de ligplaats. En dat zien we wel eens anders in deze haven!


Omdat ook hier er nog wat extra harde wind tussen de eilanden staat schieten we in het begin lekker op, later ook hier wat windschaduw waardoor het even inzakt, maar na verloop van tijd komen we in de stabiele noordoostpassaat wind. 

We gaan eens proberen weer eens een vis te vangen.

De enige vis die wij aan boord kregen waren de vliegende vissen die zelfs tot de badkamer in kwamen!

Na een paar dagen raken we in een ritme. Alles loopt naar wens, bijna dan. Veel van het eten dat we van tevoren gekookt hebben gaat overboord omdat het onder de omstandigheden toch niet goed blijft, zonde van de gehaktballen en pannenkoeken waar Yolanda in de hitte zo haar best op had gedaan. Overigens hadden we bedacht dat pannekoeken wel lekker zouden kunnen smaken bij de zeeziekte, waar Yolanda eigenlijk op iedere reis wellast van heeft gehad. Maar deze reis niet, en dit waarschijnlijk dabk zij de nieuwe zeeziektepillen, waar we een doosje van hadden gekregen van onze belgische vrienden van de JestX, Erik en Inge.  Deze pillen uit Antwerpen hielpen zogoed, dat 3 pillen in de eerste dagen volstaan hebben. Ook de lijst met eten wat je beter niet of wel op zee kunt eten van Marjolein van de Saline, heeft zijn vruchten afgeworpen: alleen rooibosthee, geen bananen als voorbeeld. 



Broodbakken op de oceaan
Het resultaat was heerlijk

De stroomvoorziening is ook niet optimaal, de Watt&Sea draait prima, maar we willen ook de watermaker gebruiken, want een douch op zijn tijd is best fijn en prettig om het klimaat in de boot goed te houden. Die verbruikt toch nog best wel wat stroom, daarnaast gebruikt de oplader van de elektrische tandenborstel van Yolanda ook veel stroom (kan alleen via de omvormer opgeladen worden). Gelukkig doen de zonnepanelen op de buiskap en het voordek, ook nog wel wat. Om het volle voordeel uit de panelen te halen varen we overdag over de stuurboord boeg, zodat de zon er vol op staat, en om de juiste lijn te blijven volgen om in Suriname te komen, corrigeren we dat door ‘s nachts over bakboord te varen. Voordeel bij het varen over bakboord is dat onze slaapplek dan een erg comfortable is: we hebben een deel van onze tafel ingeklapt, naast de bank ligt dan ons reddingsvlot, en dat vormt zo een mooie verbreding van onze bank...Slapen is dan bijna als in je eigen bed.... Als we aan de andere kant slapen, moet het slingerzeiltje in actie komen, zodat we niet uit bed kunen rollen, als de boot opeens een rare schuiver zou maken. Het zal niet snel gebeuren maar je slaapt gewoon ontspannener.

Het paneel op de bimini doet helaas niets, omdat die over dezelfde regelaar staat als de Watt&Sea, twee stroombronnen worden niet geaccepteerd, dat is eigenlijk wel jammer, daar moet dus een andere oplossing voor komen. maar dat is een klusje voor als we aan de overkant zijn.

Genieten van de rust tijdens de oversteek. In de kuip zitten iov op de bank, is wel een goed idee gebleken. Je zit wat steviger.

Een andere wijziging in het dagritme zijn de warme maaltijden, voor onze rust blijkt het praktischer om die in de middag te nemen, dan heb je alle tijd voor de voorbereidingen en de afwas na afloop. Het bleek dat we nooit zin hadden om de warme maaltijd klaar te maken in het begin, en ook niet meer zo’n trek hadden, tot we dachten aan de wijze woorden van ervarenere wereldzeiler: doe de warme maaltijd in de middag! Het eten opwarmen of iets helemaal klaarmaken is en blijft wel een klus, wat we wel vaak met zijn tweeën deden, goed gebruik makend van alle steun die je hebt in het kombuis. Goed alles van te voren regelen wat je nodig hebt, is al fijn om te doen. En dat is dan bijvoorbeeld iets pakken uit de voorraad, of uit de koelbox. De spullen die je pakt moet je dan ook weer zo neerzetten dat ze niet meteen alle kanten weer opschuiven....Als avondeten nemen we dan wat brood of een cracker en zo glijden we rustig de nachtwacht in. 

Na verloop van tijd bleken we toch niet zo tevreden over de werking van de twee voorzeilen, we besluiten het kotterzeil weg te halen en het grootzeil te gebruiken. Met het tweede rif erin loopt de boot sneller en prettiger. We schommelen wat minder van de ene kant naar de andere, en dat is een stuk fijner, zowel met zitten als met liggen in de boot.


Zeilwissel op volle zee. Ad heeft zijn reddingsvest aan, met  een PLB (personal location beakon) voor als hij toch overboord zou gaan. Een live- lijn voorkomt dit overigens, maar better safe than sorry....

Ritme van de oceaan!
Verder is het een fijne overtocht, de wind waait zoals die moet waaien, de golven zijn hoog maar de boot gaat er mooi overheen. Ongemerkt bijna wisselen de dagen en nachten zich af. We missen niet eens het normale leefritme waarbij je ‘s nachts 8 uur slaapt. Tijdens de nachtwacht  kun je ook je rust pakken door wat te lezen, een gedownload filmpje of documentaire op Netflix te zien, of gewoon buiten zitten, niets doen en gewoon wat om je heen te kijken. Het buiten zitten is wel supermooi, je denkt wat is er nou te zien, maar er zijn zoveel sterren, en je kunt op het licht van de maan veel zien! Het tempo van alles doen ligt sowieso al een stuk lager op zo’n oversteek omdat je voortdurend je evenwicht en balans moet corrigeren, bij tandenpoetsen, wassen, douchen is een heel programma ongeveer. zelfs bij stilzitten of in je kooi liggen kan een bezigheid zijn.

 

Maar het is zoals met bijna alles, als je aanpast aan de heersende omstandigheid is het prima te doen en uitermate rustgevend, ga je er tegenin dan hou je het niet lang vol. Voordat we aan deze reis begonnen hebben we veel gelezen van mensen die dit eerder hebben gedaan. Zij spraken altijd over het "ritme van de oceaan", nu begrijpen we dat echt.




Na 12 dagen land in zicht!
                 

Land in zicht!!!! We komen in de buurt van Ile de Salut, het water kleurt al snel bruin van het Amazone rivierwater uit Zuid Amerika. Als we ons opmaken voor een paar dagen bijkomen op het mooie Franse eiland waar het verhaal van Papillon zich afspeelt, worden we opgeroepen door de Franse Kustwacht… Dan denk je ver van huis te zijn!! “Hoe lang willen jullie blijven”, als we antwoorden “een paar dagen”, antwoordt hij dat we die zelfde dag alweer moeten vertrekken. Stel die vraag dan niet! “Als het donker wordt, omdat er een Ariane raket wordt gelanceerd”. Yolanda dacht nog even aan een grap, maar helaas. Deze lancering stond dus niet op hun website, die we in Mindelo nog even hadden geraadpleegd, wat een pech. We kunnen de raket zien staan bij Kourou heel imposant. Als we bij Ile de Salut aankomen, om voor anker te gaan, treffen we als verrassing wel de JestX van Erik en Inge, die dezelfde ochtend aangekomen waren. Ook zij moeten weg.

 


Ile de Salut, een eiland waar Franse gevangenen naar toe gestuurd werden. De enige uitweg was in zee springen.. een plan met onzekere afloop.



Erik en Inge van de JestX zijn ook net aangekomen


Na een korte ankerstop op Ile de Salut, maken we samen met de JestX het laatste sprongetje naar de Suriname rivier. Er staat aanvankelijk veel wind en er komen heftige buien over. Dat is mooi, zo kunnen we het zout van de boot en uit het zeil spoelen. Later valt de wind even helemaal weg, we kunnen we de zeilen even helemaal opzetten, vol tuig dus, zodat ze ook weer goed drogen. In de nacht, waarin we dus het tempo flink opgevoerd hebben, moeten we wel goed de uitkijk houden naar onverlichte boten, meestal vissersboten. Op de AIS zijn ze ook niet te zien en radar hebben we niet: goed kijken dus, door de regen heen.

Zo komen we in de buurt van de monding van de Surinamerivier, we ruiken het land en zien het boeienspoor. Het is best wel druk met grote zeeschepen die op weg zijn naar Paramaribo. Aan het begin van de avond, het is al donker, kunnen we het anker uitgooien om even de nacht en het tij af te wachten voor we verder trekken naar Marina Waterland. De volgende ochtend genieten we van een lege monding van de rivier, een weidse rivier. Leuk was het welkom van bemanningen van vissersbootjes, zwaaiend en speciaal naar ons toe varend. En dat allemaal in het Nederlands, maar ondertussen wel in Zuid-Amerika, heel bijzonder. We hebben het maar mooi gedaan!

Ondanks de kleine storingen en defecten heeft de boot het prima gedaan, het was mede daarom een prachtige tocht, die we niet snel zullen vergeten. En bijzonder was dat we het ook wel best een beetje jammer vonden dat deze mooie toch weer voorbij was, hoe mooi het eerste “land in zicht” ook was....


We zijn wel trots op onszelf. 





Zodra we in Surinaamse wateren zijn hijsen we de Surinaamse gastenvlag, door Yolanda met de hand genaaid.



Suriname komt dichterbij




Impressies van de Surinamerivier























De onderarm ontvangst in Marina Waterland was bijzonder hartverwarmend. Bemanningen van andere boten die al eerder aangekomen waren stonden ons op te wachten op de steiger. Sommigen kenden we, andere alleen via de facebook contacten. Het zou leuk zijn om weer gezellig bij te praten. We stapten even op de wal om met de mensen van het resort kennis te maken om vervolgens de terug naar de boot te gaan om die op orde te brengen, waarbij het fout ging met een afstapje, en dat zou mede het komende jaar de zaak behoorlijk op zijn kop zetten.

Yolanda verstapte zich, viel en brak de onderarm. Het aankomst biertje werd verruild door een ritje naar het ziekenhuis in Paramaribo. Ondanks dat iedereen zich voor ons inspande om het ons toch een beetje naar ons zin te maken hadden we er behoorlijk de pest in. De eerste kennismaking met Suriname was kennismaking met het zorgsysteem in Paramaribo, dat hadden we echt niet gepland. De onderarm en hand werd de volgende dag, nadat de orthopeed met 3 helpers  het weer netjes op zijn plaats had gezet, in het gips gezet  en het werd afwachten voor 5 weken. Het reisgevoel was wel weg, we zagen de anderen leuke tochten maken terwijl wij toch wel vast zaten. Maar goed even een paar weken afzien en dan zouden wij weer helemaal meedoen, zo was aanvankelijk het idee.




Na een paar weken kregen we toch het gevoel dat het beter zou zijn om naar Nederland te gaan om daar het gips er af te laten halen, en te laten controleren. We konden dan meteen een nieuw rijbewijs ophalen en de familie weer zien.

Op 20 januari vertrokken we naar Nederland, we hadden wat handbagage bij ons, we dachten snel terug te komen!!!!!